Ik maak er geen geheim van dat mijn lijf en ik bepaald geen grote vrienden zijn. Gewoon omdat ik nu eenmaal zo ben. Ik heb nooit iets anders gekend dan een slecht zelfbeeld en ga mezelf niet in tig bochten wringen om de waarheid rooskleuriger te maken, om anderen een plezier te doen. Ik ben ik en daar hoort dat slechte zelfbeeld nu eenmaal bij, dus ik wind er geen doekjes om. Toch werd dat zelfbeeld de afgelopen winter wel heel erg slecht.

Ik ben zo iemand die zichzelf altijd te dik vindt. Ook al heb ik geen gram overgewicht, in mijn ogen blijf ik iemand waar ik benamingen aan geef die ik hier liever niet herhaal. Maar er zijn gradaties. Ik kon me namelijk een tijd herinneren dat ik me minder schaamde voor hoe ik eruit zag. Dat ik me niet non-stop wilde verstoppen in wijde shirts en truien.

De weegschaal loog er ook niet om. Doordat ik van eind 2014 tot mei 2016 antidepressiva slikte, was ik aangekomen. Gewicht wat ik er, ondanks een aantal afval-pogingen, niet af kreeg. Toen ik afgelopen winter erg ziek werd waardoor ik 2 maanden bedrust heb gehad, kwamen er nog eens 4 kilo bij. Waarschijnlijk verwacht je nu dat ik minstens 20 kilo te zwaar was, het waren er 7. Ik vond het shocking. Ik verafschuwde mezelf.

Het was begin april dat ik de knoop doorhakte. Ik wilde opnieuw proberen af te vallen en dit keer zou het me lukken. Ik downloadde de app FatSecret waarin ik vanaf dag één letterlijk alles wat ik at en dronk bijhield en dat bleek de perfecte stok achter de deur. Ik leerde heel veel over eten, las alles wat los en vast zit over voeding, koolhydraten, onverzadigde en verzadigde vetten, eiwitten, het vetverbrandingsproces en het wonder geschiedde: Ik viel af!

Eigenlijk kon ik nauwelijks geloven dat het nu wel lukte. Ik heb sowieso een niet-functionerende schildklier en mijn cortisol-hormoon (wat veel invloed heeft op gewicht) wordt door mijn lichaam niet gereguleerd. Ik heb een actieve leefstijl en veel beweging, maar ik dacht dat het niet genoeg was. Dat ik praktisch de hele dag zou moeten lopen en fietsen om wat af te vallen, zelfs mijn rug weer zou moeten slopen met een sportschool-abonnement.

Allemaal onzin. Bij mij bleek vooral anders eten het sleutelwoord te zijn. Ik at niet echt ongezond, vrijwel nooit friet, pizza of andere vettigheid, maar ik at wel veel brood. En ik snoepte ook graag. En eigenlijk at ik, ironisch genoeg, juist te weinig. Ik sloeg vaak maaltijden over, at meestal maar 2 keer per dag. Meer gebalanceerd eten en als allerbelangrijkste: Meer verbruiken dan je inneemt.

Ondanks dat het afvallen op deze manier al prima ging, ben ik sinds tweeënhalve week ook bezig met koolhydraat-arm eten. Dat betekent geen brood meer en ook geen dingen als aardappelen of pasta. Eigenlijk blijken er bizar veel dingen te zijn die rijk aan koolhydraten zijn, dus het is een aardig gepuzzel, maar ook wel weer interessant. Ondanks dat ik na mijn research tot de conclusie kwam dat je juist met koolhydraat-arm eten nog beter af kunt vallen, valt het resultaat mij een beetje tegen, maar dat kan ook zijn omdat ik inmiddels al even geen overgewicht meer heb en het dan dus lastiger is om nog meer kilo’s kwijt te raken.

Inmiddels ben ik 11 kilo afgevallen in 3 maanden. De broeken die ik al een tijdje stilletjes vermeed omdat ik me er niet 100% lekker meer in voelde, kan ik nu gewoon weer aan. De mooie rode jurk die ik onlangs bij H&M bestelde is nu te wijd (dat is minder). Ik durf zo nu en dan een aansluitend shirtje of hemdje te dragen en de afschuw over mijn eigen lichaam is iets afgenomen.

Desondanks is het allemaal nog erg teer en kwetsbaar. Dat merkte ik onlangs nog duidelijk, toen iemand me duidelijk probeerde te maken dat ik zeker niet slank ben, en nog wat andere uitingen die het kleine beetje verworven zelfvertrouwen direct weer deed verdwijnen. Gevolg is dat de trots die ik voelde over mijn gewichtsverlies en de tevredenheid over mijn veranderde lichaam, inmiddels praktisch verdwenen is en ik me erger aan elke ronding die ik zie in de spiegel.

De andere kant van dit verhaal is dat deze gebeurtenis me alleen nog maar meer motiveert om vol te houden, al heb ik inmiddels geen bepaald gewicht meer voor ogen. Mijn streefgewicht is al lang en breed bereikt, ik ga nu gewoon door totdat ik (weer) wat meer tevreden ben over wat ik in de spiegel zie. Hoever ik daarvoor moet gaan? Ik heb geen idee. Maar ik ben vastberaden.

Grappig is dan wel, dat ik vandaag in een winkeltje waar ik regelmatig kom tegen de eigenaresse stond te vertellen dat ik bezig ben met afvallen, ze me vervolgens verbaasd aankijkt en dan de legendarische opmerking maakt: “Maar je bent al zó!”, terwijl ze met haar handen een beweging maakt die insinueert dat ik al heel dun ben. Stiekem deed dat me wel goed.

Het koolhydraat-arme dieet wat ik de afgelopen weken heb gevolgd is overigens iets van tijdelijke aard, ik ben dat nu langzaam aan het afbouwen naar het voedingspatroon wat ik daarvoor had, al wil ik de inname van koolhydraten vanaf nu wel in de gaten blijven houden. Maar het is lastig om voldoende calorieën binnen te krijgen bij dit dieet en ik merk ook dat ik zelfs normale dingen als brood als iets slechts en ongezonds ben gaan zien, en dat is niet helemaal de bedoeling.

Ik wil meer afvallen, maar geen eetstoornis. Ik tel calorieën, maar heb m’n nuchtere verstand er ook nog bij. Ik ben allang blij dat het afvallen dit keer lukt, dat ik over aanzienlijk meer discipline blijk te beschikken dan ik ooit had gedacht en dat het me niet eens zoveel moeite kost om dit vol te houden. Echt trots ben ik niet, dat past niet bij me, maar ik vind wel dat ik het goed doe.

Sowieso fiets ik nu weer dagelijks. Iets wat ik een jaar of 5 geleden ook lang heb gedaan. In weer en wind, zin of geen zin, gewoon gáán en flink tekeer gaan op die trappers. Ik ga zelfs rijden als ik duizelig ben, geen smoesjes. En dat voelt goed. De afgelopen jaren is me vaak gezegd dat ik liever moet zijn voor mezelf, milder. Iets wat ik best moeilijk vind. Streng voor mezelf zijn en resultaten boeken, daar word ik eigenlijk veel blijer van…