“Wie dot mij wat, wie dot mij wat vandage. ‘K heb de banden vol met wind, nee ik heb ja niks te klagen” (Skik). In het artikel met liedjes om bij te sporten liet ik al weten dat m’n fietsseizoen van start is gegaan. In 2011 begon ik met vrijwel dagelijks sportief fietsen en dat bevalt nog steeds goed, al was 2013 iets minder, vanwege verschillende factoren.

Ik vind het belangrijk om voldoende beweging te krijgen, nu wandel ik al elke dag de nodige kilometers en sla ik eigenlijk nooit over. Veel mensen doen aan hardlopen of fitness, maar omdat ik een rug met een flinke gebruiksaanwijzing heb, is dat voor mij geen optie. Hardlopen mag ik sowieso niet en wat er gebeurt als ik naar een sportschool ga (2 maanden fysio) is begin 2013 wel gebleken: Geen succes dus.

Mijn gele Gary Fisher MTB

Fietsen heb ik altijd heerlijk gevonden en toen ik in het voorjaar van 2011 spontaan begon met vrijwel elke dag een kilometertje of 20 in een pittig tempo fietsen, is dat blijven hangen. Ik rijd meestal van half maart tot eind oktober of begin november, maar het ligt er wel een beetje aan de weersomstandigheden.

Ik heb goede thermokleding en heb zelfs een keer met -8 gereden, maar het is dan vooral een kwestie van jezelf uitdagen, dan dat het echt leuk of prettig is. Het is dan vooral afzien en de kick van een prestatie te hebben geleverd.

Maar dit jaar begon het seizoen vroeg, het kriebelde al een tijdje om weer te gaan rijden en toen het woensdag anderhalve week geleden opeens een prachtige dag was, kon ik niet langer wachten, trok ik mijn fietskleding aan en sprong ik in het zadel.

Omdat ik het vermoeden had dat ik flink ingeleverd zou hebben qua conditie na maandenlang niet gereden te hebben, besloot ik te beginnen met een rondje over Arkel van zo’n 15 km. Maar het ging zó lekker dat ik lukraak de dijk opreed en een half uur later opeens in Meerkerk was.

Omdat ik inmiddels flinke trek had gekregen, at ik een uitsmijter bij een restaurantje waar ik tijdens een motorrit al eens was geweest en fietste daarna via Hoogblokland terug. Ik was in die omgeving nooit eerder geweest met de fiets en had m’n Garmin niet bij me, maar zo nu en dan een blik op de iPhone werpen wees aardig de weg, al werd dat niet een heel toeristische route.

Ik had de smaak te pakken van het rijden van langere stukken (de eerste rit was gelijk 34 km), en besloot maandag weer te gaan. Ik laadde m’n navigatiesysteem op, koos voor de OnRoute kaart (hiermee kun je een plaats, willekeurige locatie of adres aantikken en vervolgens wordt automatisch een mooie route samengesteld) en ging richting Hoornaar. Wat volgde was een mooie rit over diverse plaatsjes waar ik van het ene prachtige tafereeltje in het andere reed.

Ook daar was ik nog nooit met de fiets geweest, maar ik vind het heerlijk om nieuw terrein te verkennen en moest mezelf echt bedwingen om niet om de haverklap van de fiets te springen om foto’s te maken. Dat is ook gelijk één van de redenen waarom ik mijn spiegelreflex nooit meeneem: Als ik ga fietsen, moet er ook daadwerkelijk stevig doorgereden worden en daar hoort geen getrut bij.

Ook dinsdag ging ik erop uit, dit keer koos ik voor een route richting Hardinxveld-Giessendam en vervolgens over Giessenburg en Schelluinen weer naar huis. Toeristisch gezien was deze route minder mooi en er waren ook een paar puntjes die ik wat griezelig vond. Onder meer oversteken op een erg drukke weg en door “Linda” (mijn Garmin) een hoge smalle dijk op gestuurd worden waar erg hard gereden werd en geen fietsen thuishoorden.

Maar dat soort dingen houden je scherp. En scherp rijden, dat is wel mijn ding. Juist omdat ik veel zicht tekort kom (zo’n 95%), moet je dan op andere dingen kunnen vertrouwen om toch goed en veilig te kunnen navigeren in het verkeer. Daardoor zijn mijn reflexen extreem goed ontwikkeld en ook mijn gehoor is heel goed.

De rest van de week heb ik niet meer gereden. Niet alleen omdat het weer omsloeg, maar ook omdat ik grieperig was. Woensdag heb ik overigens nog wel een poging gedaan, maar zelfs na 20 minuten rondjes rijden door de stad, wilden mijn spieren niet warm worden en dan is het geen pretje om een eind te gaan rijden. Er komen nog mooie dagen genoeg.

In elk geval kan ik stellen dat het met mijn conditie alles meevalt. Op het gebied van snelheid heb ik wel wat te winnen, maar mijn uithoudingsvermogen blijkt erg goed te zijn. Ik kan 2.5 tot 3 uur vrijwel non-stop rijden in een constant tempo van zo’n 20 km/pu, helemaal niet slecht om mee te beginnen vind ik zelf. Ik ben overigens geen wielrenner en rijd dus ook niet op een racefiets, ik ben meer fan van het degelijkere materiaal en rijd al sinds jaar en dag op een MTB.

Daarmee kun je minder hoge snelheden bereiken dan met een racefiets, maar ik heb nu eenmaal iets tegen van die iele fietsjes (stiekem ook tegen wielrenners, behalve dan Marianne Vos en de mensen die ik ken die ook op zo’n dun fietsje rijden) en heb geen zin om elke maand banden te plakken. Sowieso zou zo’n ding met mijn rijstijl vrij snel in de kreukels liggen, ik dender overal over- en doorheen en heb in 9 jaar tijd nog nooit een lekke band gehad!

Fietsen richting Hoogblokland

Ik denk dat ik wel kan stellen dat ik het rijden van langere stukken en sowieso door gebieden waar ik nog nooit eerder geweest ben, een groot succes vind. Ik heb jarenlang het meest van de tijd dezelfde routes gereden. Uitgestrekte stukken weg en dijk waar ik flink hard kon gaan en waar ik elk hobbeltje wist te liggen, waardoor ik me vooral toe kon leggen op snelheid.

En dat ik hard kan rijden, weet ik inmiddels wel. Als ik eenmaal weer goed getraind ben, rijd ik met gemak een dijk uit met een ruime 30 km/pu. Harder kan ook, maar vanaf 40 km/pu merk ik dat ik niet snel genoeg meer kan ingrijpen als er iets verkeerd dreigt te gaan. Know your limits.

Ik ben in elk geval erg blij dat ‘t seizoen voor geopend is verklaard en hoop dat ik snel van die grieperigheid verlost ben, zodat ik weer in het zadel kan springen voor meer fietsavonturen! Ik heb m’n zinnen inmiddels al gezet op de Lekdijk en dat gaan dus routes van meer dan 40 kilometer worden. Maar eerst lekker weer! In the heart ben ik nog altijd een mooiweer-rijder.

Fiets jij ook graag?