Op twee mei kondigde ik aan dat ik de 30 Happy Days challenge zou gaan doen. Op andere blogs zijn dat 100 blije dagen, maar ik vond dertig wel even genoeg. Happy momenten genoeg, maar toch vergat ik al na 5 dagen om foto’s te maken en is de challenge dus uiteindelijk ten gronde gegaan. Dit keer ga ik een nieuwe uitdaging aan, die ik denk ik makkelijker volhoud.

Ik kwam de 30 dagen blog challenge tegen op de blog van Iris en was wel te porren om ‘m ook te doen. Het is een beetje te vergelijken met tags, maar dan voor elke vraag een apart artikel. Leuk om op die manier aan wat invulling te komen. Nu ben ik niet van plan om 30 dagen lang alleen die challenge te doen, maar ik doe er elke week één, dus eigenlijk wordt het 30 weken.

De eerste vraag luidt: Vertel twintig (interessante) feitjes over jezelf. In december 2012 schreef ik een dergelijk lijstje, hier lees je er een paar en in andere tags komen ook regelmatig feitjes voor, dus gaat het lastig worden om er nu ook nog ‘even’ twintig op te dissen, maar ik ga het proberen!

Ballonvaren!

1 – Ik heb in een heteluchtballon gevaren

Een wens van zowel mij als m’n moeder is vorig jaar in vervulling gegaan. In mei 2013 hebben we hoog in de lucht een hele poos boven Breda rond gezweefd in een enorme luchtballon. Zo gaaf!

2 – Ik houd niet van carnaval

Net als dat veel buitenlanders er vanuit gaan dat alle Nederlanders op klompen rondlopen, gaan ook heel wat mensen van boven de rivieren er vanuit dat alle Brabanders steevast van carnaval houden. Dus niet! Het feit dat ik inmiddels al ruim tien jaar niet meer in Brabant woon, heeft daar overigens niks mee te maken. Ik heb het nog nooit leuk gevonden…

3 – Ik ben al anderhalf jaar verliefd op dezelfde persoon

Voor sommigen een heel lange periode, zeker gezien het blijkbaar nog steeds niet wederzijds is, maar voor mij niet uitzonderlijk. Als ik eenmaal verliefd ben, is dat gelijk heel hevig en ben ik er ook zomaar niet vanaf. Ik ben eerder 5 jaar verliefd geweest op iemand terwijl dat door omstandigheden nooit op een relatie is uitgelopen.

Ik ben sowieso niet van het vluchtige: Kan ook niet begrijpen dat er mensen zijn die elke drie maanden een ander vriendje of vriendinnetje hebben of die voor de lol iemand ‘oppikken’ in de kroeg om die de volgende dag weer te dumpen. Absoluut niks voor mij.

4 – Tijdens het WK ben ik bloedfanatiek voetbalkijker

Normaal gesproken geef ik totáál niet om voetbal, maar tijdens het WK verander ik in een ware Oranjefan. Ik kan opeens overal over meepraten, lijk spontaan verstand van voetbal te ontwikkelen en mijn oranje-gen is hyperactief. Het is nou ook weer niet zo dat ik allerlei oranje attributen in huis haal, maar ik wil absoluut geen wedstrijd missen en stem daar zelfs eventuele afspraken op af.

Outfit

5 – Mijn visuele beperking zit op de grens van blind/slechtziend

Met mijn ene oog zie ik 5% en met het andere 3%. Nadat ik een paar maanden geleden gewoon om eens te kijken hoe de stand van zaken was een oogmeting liet doen bij een optometrist, kon deze vrij nauwkeurig vaststellen wat mijn zicht was.

Ook ben ik er toen achter gekomen dat de grens tussen blind en slechtziend bepaald wordt aan het percentage en dat alles beneden 5% wordt beschouwd als blind. Wat mij dus een grensgeval maakt en mijn rechteroog dus technisch gezien blind is. Nooit geweten, want ik dacht altijd dat blind 0% zicht was, wat dus niet zo blijkt te zijn.

6 – Ik ben bang van het geluid van ballen

Kinderen die een potje voetbal spelen op straat, ik kan er bloednerveus van worden. Ik ben normaal gesproken bepaald niet schrikkerig aangelegd, maar dat geluid werkt echt op m’n zenuwen. De reden daarvoor is te herleiden naar mijn jeugd, waar ik op school altijd gepest werd en helaas niet alleen met woorden.

Bij gym was de grootste sport om mij een bal recht in m’n gezicht te mikken en dan het liefst zo hard mogelijk. Als ik eraan terugdenk voel ik nog de pijn. Ik heb zelfs een speciale buitenschoolse training gevolgd om die angst voor ballen kwijt te raken, maar dat is nooit gelukt. Het is dat ik nooit een gebroken neus heb opgelopen, maar die schrikreactie is gebleven.

7 – Ik loop elke dag tussen de 5 en 8 kilometer

Vroeger was ik nooit zo’n loper. Tegenwoordig (de laatste twee jaar) ben ik behoorlijk intensief gaan wandelen en als het niet kan, zoals nu met mijn hersenschudding, baal ik daar echt van. Als ik niet kan lopen word ik onrustig. Het is niet zozeer dat ik vind dat het moet omdat beweging goed voor me is, maar een routine die in mijn leven geslopen is en die ik graag trouw blijf.

Lopen is ook goed voor alles: Als ik slecht in m’n vel zit en ik loop een uur lang lekker stevig door, dan is m’n kop bij thuiskomst wel leeg. Enig nadeel is dat mijn schoenen behoorlijk snel slijten. Ik loop tegenwoordig nog bijna uitsluitend op Nikes rond, omdat die behoorlijk lang meegaan in tegenstelling tot bijvoorbeeld laarzen, sandalen of goedkope schoentjes van Bristol of zo.

Lopen met Bas

8 – Mijn eerste website bouwde ik in 1997

Ik denk dat het gros van de hedendaagse bloggers geen idee heeft hoe ze HTML of PHP moeten coderen. Ik heb zelf alle basics geleerd op dat gebied en ben daar nog altijd blij mee.

Ondanks dat ik WordPress (en andere CMS systemen) nog altijd beschouw als ‘websites voor luie mensen’ (met een knipoog) en je daarvoor in principe geen enkele kennis van scripting talen nodig hebt, kan het wel van pas komen om je site verder aan te passen naar eigen wensen.

Ik bouwde mijn websites altijd volledig zelf. In eerste instantie in het super simpele HTML, later volledig in PHP. De enige reden waarom ik pas in 2010 overstapte op WordPress, was omdat ik bang was dat ik die vrijheid kwijt zou raken en een dertien-in-een-dozijn site zou krijgen. Gelukkig viel dat mee.

9 – Ik ben 3 keer aan de dood ontsnapt

Drie keer is scheepsrecht zeggen ze. Toen ik baby was, had het maar heel weinig (een paar dagen) gescheeld of ik was nooit ouder dan een paar maanden geworden. Vervolgens kreeg ik op mijn achtste een ernstige hersenvliesontsteking, waarbij de vooruitzichten slecht waren, maar waar ik als een wonder volledig van genas.

De derde keer dat ik maar net ontsnapte aan het einde was twee weken geleden met het motorongeluk. De eerste twee keer was ik nog kind en dan besef je zoiets niet, maar nu dus wel degelijk en dan ga je toch wel anders over bepaalde dingen denken.

10 – Ik eet amper vlees

Hoe vaak ik de vraag niet krijg of ik dan vegetariër ben: Nee dus. Ik vind de meeste vleessoorten gewoon absoluut niet lekker, ondanks dat ik vroeger wel altijd alles heb moeten eten. Het is dus niet dat ik het bij voorbaat zeg omdat ik alleen maar dénk dat ik het niet lust. Eigenlijk lust ik alleen dingen met gehakt (maar geen slavinken of blinde vinken) en een lekkere malse biefstuk, daar houdt het wel een beetje bij op vrees ik.

11 – Ik heb een voorkeur voor rood fruit

Geen idee hoe het komt, maar ik grijp altijd het eerste naar rood fruit. Aardbeien, frambozen, rode bessen, appels met rode wangen, bramen, ik ben er gek op. Het is niet zo dat ik andere appels, citrusvruchten en witte druiven niet lekker vind, maar ik loop er aanzienlijk minder warm voor dan rode vruchten. Misschien ligt ‘t alleen aan de kleur?

Lekkere aardbeien!

12 – Ik heb een type- en telefoniediploma

Op de slechtziendenschool waar ik acht jaar gezeten heb, leerden we naast normale vakken ook vaardigheden zoals tuinieren en klussen en kregen we ook les op de typemachine en hoe je correcte (zakelijke) telefoongesprekken moest voeren.

Voor beide slaagde ik goed, mijn typediploma zelfs met lof. Ik haalde 120 aanslagen per minuut op zo’n mechanisch ding. Door het vele typen op een computertoetsenbordje is dat aantal inmiddels gestegen naar 545. Blind typen leren heb ik dus veel baat bij gehad, want met twee vingers zou gezien mijn slechte ogen toch een klein rampje zijn!

13 – Ik heb geen hekel aan het getal 13

Veel mensen zijn stiekem toch een beetje bijgelovig en hebben iets tegen het getal dertien, ik heb daar niet echt last van. Met sommige dingen kan ik wel een tikje bijgelovig zijn, met name als ik slecht in m’n vel zit en dan opeens het gevoel heb dat het vast snel beter gaat als ik bepaalde dingen doe of juist laat, maar dat is maar heel subtiel en verdwijnt weer meteen zodra ik weer beter in m’n vel zit.

14 – Goed fotograferen is niet aangeboren

Ik krijg de laatste jaren ontzettend veel complimentjes over mijn foto’s. Degene gemaakt met m’n spiegelreflex, maar ook met mijn iPhone gemaakte foto’s. Toch ben ik niet bepaald geboren met een talent om mooie foto’s te maken.

Fotografie interesseerde me nooit en ik kon het ook voor geen meter. Ik heb nooit een cursus of workshop gevolgd, maar vanaf het moment dat de interesse voor de dag kwam, mezelf gewoon goed getraind om het zo maar te zeggen.

Ergens bij Hoogblokland

15 – Ik heb ooit cavia’s gehad

Toen ik nog samenwoonde met mijn eerste vriend, hadden we op een gegeven moment een heel stel cavia’s. Ik vond ze wel schattig, maar ook irritant. Krijsen dat die krengen kunnen! En ze gaan ontzettend snel dood, dat vond ik nog het grootste nadeel.

16 – Ik heb ooit een stalker gehad

Iets heel anders dan cavia’s en met enkel nadelen: Een drugsverslaafde maat van mijn nogal vage buurman had een nieuwe hobby en dat was mij achtervolgen, bijna elke avond midden in de nacht aan de bel hangen en om m’n huis heen sluipen.

Ik ben uiteindelijk van hem af gekomen, maar dat heeft wel een jaar geduurd. Ik heb nog jaren een schrikreactie gehad als de bel ging, gelukkig is die nare associatie door een bepaald persoon die me erg lief is, inmiddels volledig teniet gedaan. :-)

17 – Ik ben geen typisch meisje-meisje

Bepaald geen geheim, maar toch een leuk feitje: Vroeger was ik echt een tomboy. Inmiddels loop ik er doorgaans een stuk vrouwelijker bij, heb ik lang(er) haar en vind ik rokjes en jurkjes ook best leuk op z’n tijd.

Maar qua denkwijze lig ik over het algemeen meer op één lijn met de mannen dan met de meeste vrouwen. Ik ben geen ‘manwijf’, maar verschil qua denk- en handelswijze nu eenmaal op veel punten met de gemiddelde vrouw, wat ik als een pluspunt zie.

18 – Ik ben gek op Nike sneakers

Ik heb ooit een tijd gehad dat ik minstens 6 paar schoenen van Adidas in m’n kast heb staan, later werd dat Converse en inmiddels ben ik blijkbaar in een periode beland dat ik helemaal dol op Nike ben. Qua kleding niet zozeer, al heb ik wel een sportshirt en -top van Nike, maar vooral schoenen kan ik niet genoeg van krijgen.

Ik heb inmiddels 5 paar Nike Blazers, een paar Nike MD Runner en de onlangs aangeschafte blauwe suède Nikes, die volgens mij ook een variant van de Blazer zijn. Ik aas nog altijd op een paar kobaltblauwe Blazers en zwarte Nike Air Max One.

Zwart met rode Nike sneakers

19 – Ik hou van zebraprint

Doorgaans ben ik niet dol op drukke prints, behalve zebraprint! Al vind ik niet alles mooi. Zebraprint kleding zal je me niet snel zien dragen. Maar ik heb een zebraprint badmat, douchegordijn, dekbedovertrek, kussentjes op de bank, een zebraprint mok en nog wel een paar attributen met dit karakteristieke zwart met witte dierenprintje erop. Ik hou ervan en het past goed in mijn interieur.

20 – Mijn blog is mijn langstlopende project ooit

Ik kan bij tijd en wijle best impulsief zijn. Iets geweldig vinden, maar het na een paar maanden weer in de steek laten omdat het nieuwtje er wel vanaf is en ik een andere interesse gevonden heb. Beginnen met bloggen was nooit echt een heel bewuste keuze zo van “ik wil een blog”.

Ik begon er eigenlijk van lieverlee mee en het was zeker geen lange-termijn ding. Dat het dat uiteindelijk wel is geworden en ik het al ruim 12 jaar volhoud, vind ik best bijzonder. Ik kan niets anders bedacht krijgen wat ik ook al zo lang heb volgehouden.