Gisteren zat ik rond deze tijd samen met Bas in een fietstaxi. Op weg van het piepkleine station Koog-Zaandijk naar de beroemde Zaanse Schans. Ik legde in één dag 237 kilometer af per trein, 17 kilometer te voet en was in totaal precies twaalfenhalf uur onderweg samen met m’n lieve witte hondje. We gingen samen een dagje treinen naar de Zaanstreek!

Zaandam stond al langer op mijn lijst van nog te bezoeken plaatsen. Ik kan me zelfs herinneren dat ik vorig jaar overwoog erheen te gaan, maar dat werd uiteindelijk toch een uitstapje naar het pittoreske Hoorn. Dit jaar moest Zaandam er dus aan geloven. Dezelfde provincie, ook een hoog historisch gehalte en als het goed is genoeg om te bekijken!

We vertrokken om kwart over acht van huis, nog met het slaapzand in onze ogen. Bas wist niet echt wat hem overkwam dat de baas opeens zo vroeg uit de veren was en ik was nog niet echt aanspreekbaar, gezien het feit dat ik nogal slecht geslapen had door een combinatie van onrust en gezonde spanning (lees: opwinding) over het aanstaande dagje uit.

De reis verliep vlekkeloos! We moesten bij Geldermalsen overstappen op de trein naar Utrecht CS en ondanks dat we daar niet al teveel overstaptijd hadden, redden we het om de Intercity richting Den Helder op tijd in te springen, die ons in naar Zaandam zou brengen. Het was rond half elf dat we arriveerden en na de voorspelde grijzige ochtend, begon het zonnetje net door te breken.

150716-zaandam-10

Het eerste wat ik zag, waren een hoop leuke geveltjes en het imposante Intell Hotel, wat lijkt te bestaan uit een verzameling Zaanse huisjes die kriskras op elkaar gebouwd zijn. Daar omheen is een winkelcentrum gevestigd met een soort gracht ertussen, waar talloze bruggetjes overheen liggen. Het ziet er heel gezellig en karakteristiek uit en ik werd dan ook direct enthousiast!

Jammer was wel dat er voornamelijk grotere ketens en bekende winkels te vinden waren. Het eerste waar je tegenaan loopt is Primark en verder zitten er zaken als Miss Etam, V&D, HEMA, The Sting, H&M, diverse sportzaken en andere namen die je in bijna elke stad tegenkomt. Winkeltjes met prullaria en leuke boetiekjes heb ik er weinig gezien. Tijdens zo’n dagje uit mag het van mij best wel toeristisch zijn, dus dat vond ik jammer.

Wel viel het me op dat de mensen erg vriendelijk en spraakzaam waren. Zo werd ik al een keer gevraagd of ik soms de weg kwijt was (waarschijnlijk door mijn ietwat zoekende blik) en kwam er tijdens een korte stop een vrouw met een onvervalste Amsterdamse tongval bij me zitten, waar ik toch al gauw een minuut of twintig mee heb zitten praten.

Ze woonde in de buurt en wist me te vertellen dat het huidige winkelcentrum nog maar een jaar of drie bestaat zoals het er nu bij ligt en dat er eerder juist wel allemaal leuke kleine winkeltjes waren. Hoe historisch de pandjes er dus uitzien, het is niets anders dan nieuwbouw!

Buiten het winkelcentrum om, was er niet zoveel bijzonders te zien. Er was nog een winkelstraat die er niet echt gezellig uitzag (doe mij Den Bosch maar) en een horeca-plein waar we begonnen zijn met koffie en een stukje cheesecake bij Wonder’s. Die calorieën zouden we er in de loop der dag ruimschoots weer vanaf lopen en ik was wel toe aan een bakkie om meer wakker te worden. Bas kreeg een bak water voorgeschoteld (waar ik drie keer om heb moeten vragen, dat dan weer wel) en vervolgens waren we klaar voor wat de dag ons zou brengen!

Rond een uur of één had ik ‘t wel gezien en besloot naar de Zaanse Schans te gaan. Een stukje van 5 minuten met de trein, zo gepiept. Het was eigenlijk een suggestie van m’n moeder geweest om daarheen te gaan en dat was maar goed, anders was het toch een vrij kort dagje uit geworden. Zaandam zelf viel dus tegen, maar de Zaanse Schans maakte dat ruimschoots goed!

Nadat we uit de trein kwamen, gewacht op een fietstaxi. Hierover had ik al gelezen op internet en ondanks dat ik niet te beroerd ben om een stukje van nog geen anderhalve kilometer te lopen, leek het me juist wel een leuke ervaring om eens in zo’n ding mee te rijden.

Die liet even op zich wachten, maar na ongeveer een half uur konden we instappen. Het was een overdekt zitje met elektrische fiets ervoor, die nog best hard ging ook! Ik betaalde iets extra voor een rondrit langs de molens, waar ik gelijk uitleg over kreeg. Zo bleek dat er vroeger praktisch voor alle werkzaamheden molens gebruikt worden. In tegenstelling tot die paar varianten die ik ken, bestaan er dus ook bijvoorbeeld verfmolens en zaagmolens. Leuk om te weten!

Nadat de rondrit ten einde was, struinde ik met Bas rond over het terrein van de Zaanse Schans. Molens, molens en nog eens molens! En laat ik nou voor de gemiddelde Hollander behoorlijk dol zijn op die dingen! Als die er niet gestaan hadden, had ik me overigens in één of ander Aziatisch land gewaand. Zo ontzettend veel Chinezen en Japanners heb ik nog nooit bij elkaar gezien!

Op het terrein waren ook diverse winkeltjes en eettentjes gevestigd. Als je toeristisch wilt, dan kun je ‘t krijgen ook, moeten ze daar gedacht hebben. Het toerisme was duidelijk grotendeels op buitenlanders gericht, wat het voor mij wat minder interessant maakte.

Het Holland-thema vierde hoogtij en overal waren items te zien waar de bekende Instagram-tag #typicaldutch niet bij zou misstaan. Van petjes met wietblaadjes en klompjes-sleutelhangers tot kaarten met bollenvelden en tassen met ‘Amsterdam’ opdruk.

150716-zaase-schans-17

Ik kocht twee mooie panorama-kaarten met molens erop en verstuurde die naar m’n moeder en oma. Na ze geadresseerd en beschreven te hebben, gooide ik ze in de ouderwetse rode PTT brievenbus die aan de muur hing, op hoop van zegen dat ze ook echt aan zouden komen. 🙂

Verder kocht ik een ijsje, beklom ik, met Bas over m’n schouder, verfmolen De Kat, bezocht ik de Albert Heijn museumwinkel, gevestigd in het pand waar de eerste Albert Heijn-winkel ooit zat, at een ‘kattentong’ bij het Cacao Lab en fotografeerde minstens zoveel als de gemiddelde Japanner die rondliep. Rond half vijf vond ik het welletjes. Ik had alles bekeken en gefotografeerd wat ik de moeite waard vond en merkte aan Bas dat hij flink moe begon te worden.

Voordat de trein ons terug naar Zaandam bracht, kocht ik een flesje Chaudfontaine voor Bas en ijsthee voor mezelf. Ik had van huis al m’n Dopper met water meegebracht, maar als het warm is moet je goed blijven drinken en ook voor Bas vind ik het belangrijk dat hij voldoende drinkt, zeker omdat hij zelf niet aan kan geven of hij dorst heeft.

Terug in Zaandam nog bij wat winkels gekeken. Ik paste een superleuk rieten zomerhoedje bij The Sting, maar vond ‘m, eenmaal op m’n hoofd, toch minder leuk staan. Vervolgens sloten we de dag af met een pannenkoek bij het Zaanse Pannenkoekenpaleis naast de Wilhelminasluis, waarna we op ons gemak naar het station liepen en aan de terugreis begonnen. Ook deze verliep vlekkeloos en Bas heeft bijna de hele tijd liggen slapen op mijn benen en half op de rugtas.

Ondanks dat Zaandam een beetje tegenviel, was het een leuke vakantie-in-één-dag met heerlijk weer. Genoeg leuks gezien, mooie foto’s gemaakt, lekker gegeten en genoten! Dat is tenslotte het belangrijkste van alles. Ben jij weleens in Zaandam geweest?